Tweede vorm van kanker: mondkanker
Wat is mondkanker als tweede vorm van kanker?
Deze pagina hoort bij Tweede vorm van kanker. We raden je aan die informatie eerst te lezen.
De mond bestaat uit de lippen, tong, wangen, het gehemelte, de speekselklieren en de keel. Soms gaan mondcellen zich ongecontroleerd delen en vormen ze een tumor. Dit noemen we mondkanker. De kans om na kinderkanker mondkanker te krijgen is erg klein. Je kunt een aantal dingen doen om de kans op mondkanker te verkleinen, zoals niet (mee)roken.
Heb ik een verhoogde kans op mondkanker?
Iedereen, ook mensen die geen kanker hebben gehad, kan mondkanker krijgen. Maar sommige kankerbehandelingen kunnen de kans vergroten.
De volgende behandelingen kunnen de kans op mondkanker vergroten:
Bestraling op de mond of op een gebied waarin de mond ligt
Transplantatieziekte (graft-versus-host-ziekte) in de mond na allogene stamceltransplantatie
Je kunt in de samenvatting van je behandeling zien of je een van deze behandelingen of deze aandoening hebt gehad. Als je geen samenvatting hebt, kun je contact opnemen met de LATER-poli of het ziekenhuis waar je behandeld bent. Mondkanker hoeft niet altijd door de behandeling te komen. Andere oorzaken kunnen zijn: roken van tabak, alcohol, drugs en HPV (humaan papillomavirus).
Wat zijn de klachten en signalen van mondkanker?
Bepaalde klachten en signalen kunnen wijzen op mondkanker. Ook al heb je ze op dit moment niet, het is belangrijk dat je ze herkent.
Wondjes in de mond die niet genezen en pijnlijk kunnen zijn
Bulten in de mond en/of nek die niet verdwijnen
Verkleuring in de mond
Gevoelloosheid, pijn of bloeding in de mond
Moeite met slikken, eten of praten
Losse tanden of kiezen
Slechte adem
Vaak hebben deze klachten een andere oorzaak. Een snelle diagnose en behandeling zijn echter erg belangrijk. Als je een van deze klachten herkent, neem dan meteen contact op met je huisarts.
Ik heb een verhoogde kans op mondkanker. Welke onderzoeken zijn nodig en wanneer?
Bij een verhoogde kans op mondkanker zijn regelmatige controles niet nodig. Ga bij klachten of signalen meteen naar je huisarts. Deze doet waarschijnlijk lichamelijk onderzoek.
Wat gebeurt er als ik (misschien) mondkanker heb?
Als je (misschien) mondkanker hebt, verwijst je huisarts of LATER-arts je naar een oncologieteam. Dit team bestaat onder andere uit:
Keel-, neus- en oorarts (KNO-arts)
Maxillofaciale chirurg (chirurg gespecialiseerd in mond en kaak)
Radiotherapeut
Het oncologieteam doet verder onderzoek en bespreekt zo nodig de behandelmogelijkheden met je.
Wat kan ik nog meer doen?
Leven met een (verhoogde kans op) mondkanker kan moeilijk zijn. Praten met vrienden en familie kan helpen. Ook contact met mensen in eenzelfde situatie kan fijn zijn, bijvoorbeeld via een patiëntenvereniging zoals VOX, een onderdeel van de Vereniging Kinderkanker Nederland.
Zorg vooral goed voor jezelf. Je kunt de kans op mondkanker verkleinen met een gezonde leefstijl. Het is vooral belangrijk om niet (mee) te roken, weinig of geen alcohol te drinken en je mond en gebit goed te verzorgen. Laat je ook inenten tegen HPV (humaan papillomavirus) als je deze vaccinatie nog niet hebt gehad. Zorg ook voor je mentale gezondheid. Kleine veranderingen kunnen al een positieve invloed hebben op je lichamelijke en mentale welzijn.
Het is belangrijk dat je weet dat je een verhoogde kans op mondkanker hebt en dat je de klachten en signalen herkent. Neem contact op met je huisarts of LATER-arts als je vragen hebt of je je zorgen maakt na het lezen van deze informatie.
Waar vind ik meer informatie?
Op deze LATER-website staat ook informatie over:
Gezonde leefstijl
Mentale gezondheid
Mond- en gebitsproblemen
Tweede vorm van kanker
In de PanCare Plain Language Summaries vind je links naar betrouwbare informatie in het Engels.
Je kunt online informatie over mondkanker zoeken, maar bedenk dat deze niet altijd up-to-date en juist is.
Disclaimer
Deze informatie is gebaseerd op de lekensamenvatting van onderstaande richtlijn, gemaakt door de PanCare Plain Information Group, en is waar nodig aangepast aan de Nederlandse LATER-richtlijn. Vertrouw bij klachten en signalen niet alleen op deze informatie, maar ga naar je huisarts, LATER-arts of specialist.