Prognoseverschillen tussen kinderen en jongvolwassenen met kanker
Ons huidig onderzoek richt zich op:
Reduceren van prognoseverschillen tussen kinderen en jongvolwassenen met acute myeloïde leukemie
Jongvolwassenen (AYAs) met acute myeloïde leukemie (AML) hebben een mindere prognose dan kinderen met AML. In een recente studie hebben we laten zien dat dit ook het geval is in Nederland. Opvallend was dat het prognoseverschil van bijna 20 procentpunten het grootst was in de meest recente periode 2010-2015.
In dit project bestuderen we mogelijke oorzaken van dit prognoseverschil tusen jongvolwassenen en kinderen met AML. Hiervoor combineren we data uit de Nederlandse Kankerregistratie met data uit klinische studies waarin meer informatie beschikbaar is zoals biologische karakteristieken van de tumor en details over behandeling.
Dit project wordt uitgevoerd in nauwe samenwerking met prof. Michel Zwaan and prof. Marc Raaijmakers (HOVON/ErasmusMC).
Prognoseverschillen tussen kinderen en jongvolwassenen voor belangrijkste vormen van Non-Hodgkin lymfoom
Non-Hodgkin lymfoom (NHL) is een relatief veel voorkomende vorm van kanker bij kinderen en jongvolwassenen (AYAs). Uit de literatuur is bekend dat jongvolwassenen een mindere prognose hebben dan kinderen met NHL. De grote van het prognoseverschil is afhankelijk van de vorm van NHL.
In een recente studie hebben wij de overleving van kinderen en jongvolwassenen vergeleken voor de belangrijkste typen van NHL. Een mindere prognose werd gevonden bij jongvolwassenen met een T-lymfoblastisch lymfoom (T-LBL) en Burkitt lymfoom (BL). Bij BL zagen we het prognoseverschil afnemen over de tijd en bleef alleen bestaan voor 35-39 jarigen. Kinderen en jongvolwassenen met een difuus grootcellig B-cell lymfoom (DLBCL) of een anaplastisch grootcellig lymfoom (ALCL) hadden een zelfde prognose. Interessant hierbij is dat kinderen met DLBCL intensiever worden behandeld dan jongvolwassenen.
Deze studie is uitgevoerd in nauwe samenwerking met kinderhemato-oncologen uit het Prinses Máxima Centrum en hemato-oncologen die jongvolwassenen behandelen.
Prognoseverschillen tussen kinderen en jongvolwassenen met een Ewing sarcoom
Het Ewing sarcoom is een tumor van het bot en weke delen dat een typische tumor is die vóórkomt bij kinderen en jongvolwassenen (AYAs). Ook hier is uit de literatuur bekend dat jongvolwassenen een mindere prognose hebben dan kinderen. In deze studie gaan we dit voor de eerste keer bestuderen voor de Nederlands situatie en nemen daarbij belangrijke tumorkarakteristieken mee, zoals stadium bij diagnose en waar in het lichaam de tumor is gediagnosticeerd.
Deze studie wordt uitgevoerd in nauwe samenwerking met prof. Hans Merks en andere (kinder- en volwassen-) oncologen en orthopedische chirurgen.