Patiëntenportaal

Aeltsje Brinksma

Onderzoeker verpleegkundig research

De focus van het verpleegkundig onderzoeksprogramma ligt op het verbeteren van het lichamelijk en emotioneel comfort van kinderen en het minimaliseren van de impact van verontrustende symptomen.

Verpleegkundig onderzoek draagt bij aan het verbeteren van de zorg en zorguitkomsten voor kinderen met kanker en hun gezinnen, met als doel hun kwaliteit van leven te optimaliseren. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met andere disciplines en onderzoeksgroepen. Verpleegkundig onderzoek is patiëntgericht, toegepast en wetenschappelijk van aard.

De focus van het verpleegkundig onderzoeksprogramma ligt op het verbeteren van het lichamelijk en emotioneel comfort van kinderen en het minimaliseren van de impact van belastende symptomen.

Kinderen ervaren tijdens de behandeling van kanker veel belastende symptomen, zoals pijn, vermoeidheid, misselijkheid en braken, en angst. Volgens ouders worden deze symptomen niet altijd adequaat behandeld. Dit kan komen door onvoldoende herkenning van symptomen of door een gebrek aan bewustzijn onder zorgprofessionals dat deze symptomen goed behandelbaar zijn. Hierdoor lijden kinderen onnodig en ervaren zij een lagere kwaliteit van leven dan wenselijk is. Een mogelijke oplossing is om kinderen expliciet naar hun symptomen te vragen en gebruik te maken van zogenoemde ‘patient reported outcomes’ (PRO’s). Systematische symptoommeting maakt betere, op maat gemaakte zorg mogelijk op basis van evidence-based richtlijnen. Momenteel onderzoeken wij het gebruik van PRO’s in de patiëntenzorg en richten wij ons op het verbeteren van de zorg rondom misselijkheid en orale mucositis.

Ontwikkeling van een symptoom-app

Wij streven ernaar een symptoom-app te ontwikkelen op basis van patient reported outcomes, die symptomen identificeert die relevant zijn voor patiënten en patiënt- en gezinsgerichte zorg faciliteert op basis van evidence-based richtlijnen.

Voor de ontwikkeling van de symptoom-app worden de volgende stappen gezet:

  1. Selectie van een subset van relevante symptomen;

  2. Ontwerp en ontwikkeling van de symptoom-app;

  3. Testen van de bruikbaarheid van de symptoom-app in de praktijk.

Misselijkheid

Misselijkheid en braken worden gezien als de meest gevreesde bijwerkingen van chemotherapie. De prevalentie van door chemotherapie geïnduceerde misselijkheid en braken (CINV) varieert van 15 tot 100% bij kinderen en goede controle blijft uitdagend. CINV veroorzaakt angst en heeft negatieve gevolgen voor de voedingsstatus, het lichamelijk functioneren en therapietrouw. Daarom is betere controle van CINV een van de onderzoeksspeerpunten van de groep Ondersteunende Zorg. Meer kennis over de prevalentie van misselijkheid en bijbehorende risicofactoren kan bijdragen aan verbetering van behandeling en preventie. Momenteel worden gegevens uit het KLIK PROM-portaal geanalyseerd om deze vragen te beantwoorden en om de impact van misselijkheid op de kwaliteit van leven te bepalen. Daarnaast onderzoeken wij of een patient-reported outcome measure (PROM) kan bijdragen aan betere herkenning van misselijkheid of aan de evaluatie van de effectiviteit van interventies. Hiervoor worden de haalbaarheid, validiteit en responsiviteit van twee meetinstrumenten voor misselijkheid onderzocht. Deze studie is gekoppeld aan de Davincy-studie van oncoloog E. Vos-Kerkhof.

De verpleegkundige misselijkheidsstudies worden uitgevoerd door Rosanne Been en Els Haverkate (beiden verpleegkundige en verpleegkundig onderzoeker).

Orale mucositis

Orale mucositis is een veelvoorkomende bijwerking van behandeling; prevalentiecijfers van 20 tot 80% zijn gerapporteerd. Gezien de impact van mucositis op morbiditeit en mortaliteit is adequate mondzorg essentieel. Een enquête in 2020 liet echter zien dat de mondzorg in ons centrum gebaseerd was op verouderde protocollen en dat ouders onvolledige en tegenstrijdige informatie ontvingen. Daarom heeft een multidisciplinaire groep, geïnitieerd en geleid door verpleegkundige en verpleegkundig onderzoeker I. Bremer-Ophorst, een nieuw protocol ontwikkeld op basis van recente wetenschappelijke inzichten. Dit protocol is in het laatste kwartaal van 2022 geïmplementeerd. De effecten van deze implementatie worden geëvalueerd.

Aeltsje Brinksma startte haar loopbaan als kinderverpleegkundige in het Beatrix Kinderziekenhuis van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Daar maakte zij voor het eerst kennis met de zorg voor kinderen met kanker. Na het behalen van haar masterdiploma Verplegingswetenschap werd zij coördinator van het verpleegkundig onderzoeksprogramma van het UMCG. Zij schreef subsidieaanvragen, was lid van diverse onderzoekscommissies, doceerde in de masteropleiding Verplegingswetenschap, begeleidde masterstudenten bij hun onderzoek en was projectleider van verschillende projecten, waaronder de implementatie van voedingsscreening. In haar promotieonderzoek richtte zij zich op de prevalentie, gerelateerde factoren en gevolgen van ondervoeding bij kinderen tijdens de behandeling van kanker. Zij promoveerde in 2014. Naar aanleiding van de resultaten van haar proefschrift startte zij een co-designproject in samenwerking met de Hogeschool Utrecht om instrumenten te ontwikkelen die de voedingsinname en lichamelijke activiteit van kinderen met kanker verbeteren. In 2020 werd zij senior verpleegkundig onderzoeker bij het Prinses Máxima Centrum en is zij verantwoordelijk voor de verdere ontwikkeling van het verpleegkundig onderzoeksprogramma.

Belangrijkste publicaties

Brinksma, A., Sulkers, E., Kouwenberg, D., Lelieveld, O.T.H.M., Boot, A.M., Burgerhof, J.G.M., en Tissing, W.J.E. (2022). Changes in body size and body composition in survivors of childhood cancer: seven years follow-up of a prospective cohort. Clinical Nutrition 41, 2778–2785.

Brinksma, A., Sulkers, E., IJpma, I., Burgerhof, J.G.M., en Tissing, W.J.E. (2020). Eating and feeding problems in children with cancer: prevalence, related factors, and consequences. Clinical Nutrition 39, 3072–3079.

Brinksma, A., Roodbol, P.F., Sulkers, E., Kamps, W.A., De Bont, E.S., Boot, A.M., Burgerhof, J.G., Tamminga, R.Y., en Tissing, W.J. (2015). Changes in nutritional status in childhood cancer patients: a prospective cohort study. Clinical Nutrition 34, 66–73.

Brinksma, A., Sanderman, R., Roodbol, P.F., Sulkers, E., Burgerhof, J.G., De Bont, E.S., en Tissing, W.J. (2015). Malnutrition is associated with worse health-related quality of life in children with cancer. Supportive Care in Cancer 23, 3043–3052.

Loeffen, E.A., Brinksma, A., Miedema, K.G., De Bock, G.H., en Tissing, W.J. (2015). Clinical implications of malnutrition in childhood cancer patients: infections and mortality. Supportive Care in Cancer 23, 143–150.

Sulkers, E., Tissing, W.J., Brinksma, A., Roodbol, P.F., Kamps, W.A., Stewart, R.E., Sanderman, R., en Fleer, J. (2015). Providing care to a child with cancer: a longitudinal study on the course, predictors, and impact of caregiving stress during the first year after diagnosis. Psycho-Oncology 24, 318–324.

Brinksma, A., Huizinga, G., Sulkers, E., Kamps, W., Roodbol, P., en Tissing, W. (2012). Malnutrition in childhood cancer patients: a review on its prevalence and possible causes. Critical Reviews in Oncology/Hematology 83, 249–275.

Meer publicaties zijn te vinden in PubMed.